Geen plan, maar improvisatie...



Onze vakantie van 1 tot en met 25 juni 2018

gevaren route: Kampen-Muggenbeet-aanlegplek TJ28-aanlegplek SN06 (Akkrum)-Gorredijk-Earnewâld-Visvliet-Zoutkamp-aanlegplek LM03 (nabij Dokkum)-Dokkum-aanlegplek LM75 (Alde Lije)-aanlegplek LM57 (Berltsum)-Frjentsjer-aanlegplek FL40A Skrok (Wommels)-IJlst-Earnewâld-Kuinre-Blokzijl-Kampen.

Gevaren afstand: 378,8 kilometer, vaartijd 48 uur en 18 minuten. Brandstofverbruik 66,6 liter diesel.

Op de route 14 sluizen en 64 bruggen.







Vrijdag 1 juni 2018
Gisteren ging de broer van de schipper met pensioen en dat is natuurlijk gevoerd temidden van al zijn collega's. 't Ging bijna mis: op het moment dat we hem moesten ophalen van huis brak er een soort van zondvloed los: op de snelweg was 50 km/h eigenlijk veel te hard, en op Oostervaart stonden de wegen volkomen blank.

Daags daarna (op 1 juni dus) varen we om even over half een  weg uit onze haven, weg voor een vakantie die niet van een plan is voorzien. We zien wel. Er is wel een idee dat we eigenlijk wel Zoutkamp willen bezoeken, maar daar houdt het ook wel ongeveer op. Er is ingepakt, spul aan boord gebracht, de kombuis is van eten voorzien en de watertank gevuld. Diesel halen we wel ergens onderweg, we hebben nog zo'n 60 liter in de tank.
Onze eerste etappe blijven we op heel bekend terrein: via de Aremberger Gracht en de Beulaker Wiede varen we naar Muggenbeet met een noordwesten windje van 3 Bft en matig zicht. Toch altijd weer een leuke tocht! We knopen het land aan de boot bij Muggenbeet, op de aanlegplek in het Steenwijker Diep die we maar "Geertien-umme-d'oek" hebben gedoopt. We verbazen ons over de rust die er heerst: weinig schepen!

Op de eerste vakantiedag varen we 33,4 kilometer in 3 uur en 54 minuten, met een gemiddelde snelheid van 8,6 kilometer per uur. Dat kost 5,9 liter brandstof. We passeren 1 brug en 2 sluizen











Zaterdag 2 juni 2018
Onze reis gaat vandaag ook niet zo heel erg ver: haast maken we toch niet, daar hebben we helemaal geen tijd voor! We hebben bij het ontbijt bedacht dat we best naar een aanlegplek in de Tjonger kunnen varen. Die ligt vlak voor de Linthorst Homan Sluis op een mooie locatie.

Afgelegde afstand: 13,6 kilometer in 1 uur en 42 minuten. Gemiddelde snelheid 8 km/h., brandtsofverbruik is 2,4 liter. We passeren 3 bruggen en betalen € 2,20 bruggeld (Kalenberg).
Zondag 3 juni 2018
Vandaag gaat het verder noordwaarts, naar alweer een bekende aanlegsteiger: die tegenover het Kameleondorp. Op de driesprong van vaarwateren (Meinesleat/Kruiswater, Terkaplester Puollen en de Terhernster Puollen) is een mooi punt voorzien van aanlegsteigers. Maar voor het zover is moeten we eerst de Linthorst Homansluis door, en via de Helomavaart gaan we op weg naar de Engelenvaart. Daar is de oever nog steeds gevaarlijk (dat komt er nou van als je geen enkele vorm van onderhoud pleegt) en worden de bruggen die we tegen komen vlot bediend. Een mooi vaarwater!
Na Heerenveen komen we in het kanaal langs de bedrijventerreinen en uiteindelijk varen we weer tussen weilanden en boerderijen en genieten van het mooie uitzicht.

Onderweg zien we in het Nieuwe Heerenveense Kanaal ook nog een fraaie platbodem die ons tegemoet komt. Aan boord is bemanning genoeg, maar omdat er niet erg veel wind staat (een zuidwestertje van 3 Bft), lijkt dat een beetje overdreven...  Maar, een mooi gezicht is het wel!
Uiteindelijk komen we waar we zijn willen en we meren aan de steiger SN06B, die vast zit aan een eilandje. Het heeft de afgelopen week enorm geregend (op sommige plekken een complete wolkbreuk) en het eiland is onbegaanbaar!

Afgelegde afstand 34,4 kilometer in 4 uur en 6 minuten met een gemiddelde snelheid van 8,4 km/h. Verbruik: 5,8 liter diesel. 
We passeren 4 bruggen en 1 sluis.

Maandag 4 juni 2018
Eerst maar even afval lozen. Omdat de vuilniscontainer op onze aanlegplek door de regen niet bereikbaar is zonder natte voeten, wijken we even uit naar de container die een eindje verderop staat, bij SN09. Vervolgens naar Oost, diesel halen. We varen achter een mooie platbodem aan en de schipper aarzelt erg lang of hij er voorbij zal gaan. Hij doet het niet en moet daardoor op de beurt wachten aan de pomp: de platbodem had hetzelfde plan. We scoren in de winkel een gasaansteker voor de kombuis (de gele heeft de geest gegeven na zo'n 10 jaar trouwe dienst, slechte kwaliteit dus). De schipper wil ook nog Grotamar kopen, maar dat is er niet. Dan moet dat maar elders gekocht worden, één keer een lage dosering zou moeten kunnen. Na de tankbeurt gaan we door de Meinsleatbrêge, die sinds de laatste gemeentelijke herindeling gratis is geworden. Waar zo'n herindeling al niet goed voor is... We varen door, passeren de Weidlânsbrêge en stoppen voor de spoorbrug, om victualiën in te slaan. Dat leidt er eindelijk toe dat we de traditionele sukerbôle aan boord krijgen. Dan gaat het verder, over het Leppe-akwadukt en dan naar Aldeboarn, dat mooie plaatsje met het smalle kanaaltje.
Nou hadden we al eerder een wittige platbodem gezien, die op lage snelheid aan het varen was, En die lopen we dus op in Aldeboarn, zodat we het hele dorp door varen vlak achter die trage, trage schipper aan. Lastig varen dus, de schipper heeft betrekkelijk weinig van het mooie dorpje gezien.
de doortocht in Aldeboarn...




Na het mooie dorpje varen we door het mooie landschap, op naar Gorredijk. Aanvankelijk achter de trage platbodem aan, maar als zich de mogelijkheid voor doet om er langs te gaan geeft de schipper flink wat porrie, en daar gaat de Beereboot. Later zien we de schuit nog weer terug, als wij ons opmaken om Gorredijk weer te verlaten. Maar voor dat het zover is moeten we nog wat bruggen en sluizen passeren. Natuurlijk liggen we op ons min of meer vaste plekje bij het park. Dat betekent wel dat we morgenochtend weer een hele rij bruggen en een sluis moeten passeren, maar ach, we hebben toch vakantie! Ons plekje is mooi!







We varen 26,2 km in 3 uur en 36 minuten met een gemiddelde snelheid van 7,3 km/h. Brandstofverbruik: 4,1 liter. We passeren 15 bruggen en 1 sluis.

Dinsdag 5 juni 2018
Vandaag doen we even niets... We blijven liggen in Gorredijk, halen een cappucino met appelgebak bij de sluis en wandelen weer wat rond. Bij de sluis is het wel leuk zitten: er wordt geschut en we zien de sluiswachter met de lange boom de deuren handmatig bedienen. We zoeken uit hoe het zit et de douches hier en maken gebruik van een keurige ruimte in een pand met de merkwaardige aanduiding "Leidse Plein". Je moet 80 cent betalen om er in te kunnen en 60 cent om te douchen.  's Avonds hebben we een lekker etentje bij de plaatselijke Italiaan. Daarna wandelen we wat, bekijken het dorp en lezen op een bord wat over de geschiedenis.

Woensdag 6 juni 2018
Tijd om te vertrekken, maar eerst is daar die "vlugge" wittige platbodem met de blauwe spiegel weer. Daarna is het onze beurt. Gaat de platbodem in de richting Assen, wij gaan de andere kant op. Weer door alle bruggen, de sluis, weer wat bruggen en na de Rolbrêge stuurboord uit naar het Polderhoofdkanaal. Maar dat had je gedacht. Bij de Schouwstraslûs, die toegang geeft tot het kanaal ligt aan de andere zijde een schipper die de borden niet goed heeft gelezen. Dat leidt tot een storing... Uiteindelijk belt de Beerebootschipper maar met de gemeente, en daar wordt verteld dat het wel een uurtje kan duren. Volgens de schipper aan de overzijde is het de schuld van de Beereboot, want die heeft op de knop gedrukt voor de bediening nadat hij dat had gedaan. Tja, andere realiteit, zullen we maar zeggen. Maar aan de rode knop komen is toch wel wat onhandig als er niets aan de hand is! Na een uur of zo is de weg vrij en kunnen we opstomen naar Nij Beets. Daar "nemen" we de brug in de Geawei/Prikkewei, gaan bakboord uit en zien vervolgens zeven bruggen voor ons, die duidelijk door dezelfde ontwerper zijn gemaakt.
Het is een aantrekkelijk stukje vaarwater, ondanks dat het een tocht van bijna 4,7 kilometer is voordat je aan het einde weer bij een sluis aankomt. Wel wat vreemd: de sluis en de brug die je eerst passeert zijn zelfbediening, de laatste brug en de laatste sluis worden op afstand bediend. Er staat daar geen bord die dat vermeldt. Enkele weken later verneemt de schipper dat de tweede sluis in een andere buurtschap met een ander bestuur ligt...

Na het schutten (let op: de as van het vaarwater verspringt) gaan we via het Grietmansrak en de Headamsleat naar Earnewâld. Het is tenslotte ook weer tijd voor onze beroemde versnapering BB (bier/bitterballen), een patatje en - morgen - boodschappen. De sukerbôle dreigt op te geraken. Na wat stoelendans op het terras bij Westersail om de rook van een sigaar te ontwijken gaat de schipper even op struin en koopt een fles Grotamar. Zo, nu kunnen we er weer een hele tijd tegen. We genieten van het fraaie weer en de beweging die daarvan het gevolg is, hoewel we - niet voor de eerste keer deze vakantie - moeten constateren dat het erg rustig is op en rond het water. Aan het einde van de middag haalt de schipper bij de havenautomaat (kan je een heel gezellig gesprek mee voeren maar niet heus) een ticket voor het havengeld.

Afgelegde afstand: 21,3 kilometer in 2,7 uur met een gemiddelde snelheid van 7,9 km/h. Verbruik: 3,8 liter diesel. We passeren 11 bruggen en drie sluizen.

Donderdag 7 juni 2018
We gaan vandaag eerst een flink stuk over het Prinses Margrietkanaal (vaak afgekort tot PMK) tot ver voorbij Fonejacht, om vervolgens bij Gerkesklooster bakboord uit te gaan, en vervolgens terstond weer naar stuurboord af te slaan. Het is een aantrekkelijke tocht: eerst een stukje Alde Feanen, dan het kanaal, het Burgumer Mar en dan de Munnikezijlster Riet op. Maar eerst dus even die sukerbôle en de andere boodschappen. Sukerbôle is bij ons aan boord een traditie: zodra we in Fryslân zijn mag het gehaald worden en gegeten. In de Friese traditie was het een cadeau voor de moeder die een dochter ter wereld had gebracht (was de boreling een jongen, dan werd een krentencake gegeven). Het is zo vroeg in de ochtend al schitterend weer en na het boodschappen doen en het ontbijt gaan de trossen los.


Het Prinses Margrietkanaal is behoorlijk breed, één van de belangrijkste kanalen in Fryslân. We komen er flinke vrachtschepen tegen, maar ook allerlei andere schepen van liefhebbers, haastmakers en ander waterrecreatievolk.





Zo varen we door, totdat we - na de doorvaart van de Kromme Ee en het nieuwe akwadukt dat daar is gemaakt - bij het Burgumer Mar komen, waar de centrale aan de oever een vast punt vormt. Het is wel even vreemd: op de elektronische waterkaart wordt bij het doorkruisen van de Kromme Ee aangegeven dat we dwars door de Friese weilanden varen, van de betonning op de kaart klopt niet veel meer (of liggen ze in het water nou verkeerd?)

Het geheel levert een mooi en wijds zicht op. Na de overtocht over het meer komen we in het Kolonelsdiep of Caspar Di Roblesdiep. waar we de Schulenborgbrêge voor ons (en een ander schip) zie draaien. Na nog twee bruggen gaan we dan de Stroobosser Trekvaart op, om na 100 meter al stuurboord uit te gaan, waar het water is getooid met de naam Oude Kolonelsdiep. Het loopt achter het industriegebied van Gerkesklooster langs en we verbazen ons over een motorjachtje dat daar ligplaats heeft gekozen. Een eindje buiten Gerkesklooster ziet de schipper het Grutte Ear liggen, het satelliet-volstation dat hier in het weidse land is gemaakt.

We varen door de Twee Provinciën Polder, die haar naam ontleent aan het feit dat de provinciegrens van Groningen en Fryslân er dwars doorheen loopt. We varen inmiddels op de Lauwers, een riviertje dat uiteindelijk - hoe kan het ook anders - uitmondt in de vroegere Lauwerszee, nu het Lauwersmeer. Er loopt een aardige stroming in het water, kennelijk staat de Friese Sluis bij Zoutkamp open om het overtollige water te spuien.
Na nog een tijdje genieten van het mooie landschap arriveren we bij Visvliet, ons einddoel van de dag. Daar meren we aan een steiger vlak onder de brug.

We zoeken daarna de schaduw op, het is behoorlijk warm geworden en in de boot is het benauwd. Ook de kinderen uit de omgeving hebben het warm, zij komen om verkoeling te zoeken in het water van de Lauwers. Ze springen vanaf de steiger en vanaf de brug in het verkoelende water.




's Avonds genieten we van de ondergaande zon, die de hemel in een mooie, oranjerode gloed zet. Da's een goed teken: avondrood brengt mooi weer aan boord!








Afgelegde afstand: 31,6 kilometer in 3,7 uur met een gemiddelde snelheid van 8,5 km/h. Brandstofverbruik: 5,4 liter diesel. We passeren 1 brug.


Vrijdag 8 juni 2018
Anker op, Zoutkamp, here we come! Het is toen voor half elf als we de landvasten losmaken en de steven in de richting van Zoutkamp wenden. Verder genieten van het mooie landschap onder een hemel die langzaam maar zeker steeds meer bewolkt raakt. Er zit vanaf de ochtend hoge sluierbewolking in de lucht, meestal een teken van een weersomslag.

Sluizencomplex Munnikezijl

Ach, het is niet zo ver meer, dus kunnen we rond een uur of 12 wel in Zoutkamp meren. Dat denken we, maar we hebben niet gerekend met de brug van Pieterzijl. Die is kennelijk van mening dat we daar moeten blijven: wat de schipper ook onderneemt: de brug functioneert niet. Ja, de lichten gaan op rood, maar de slagbomen blijven keurig staan en de brug blijft dicht. Na wat pogingen, ook van de "brugwachter" en een plaatselijke deskundige (ex-brugwachter) hebben we het telefoonnummer maar gebeld dat is aangegeven op de bedieningskast. Er zal een monteur komen, zo belooft de provinciale medewerker, maar dat kan wel even duren. Ondertussen vermaken we ons met een moeder die haar drie- of vierjarig zoontje meeneemt om te vissen (voor de eerste keer in zijn leven). Hij vindt het geweldig, maar na zo'n twintig minuten is het einde van de spanningsboog wel bereikt. Het kereltje springt van hot naar haar, steekt de weg over (hij weet dat er links en rechts gekeken moet worden, maar doet dat met een tempo dat je je afvraagt of hij überhaupt iets heeft kunnen zien). Uiteindelijk komt de monteur, die er na zo'n tien minuten in slaagt de brug te laten bewegen in opwaartse richting. Dat betekent dat wij de brug doorvaren, aan de andere zijde de boot vastknopen en de monteur - die de oorzaak van de storing nog niet heeft kunnen vinden -  bedanken om vervolgens verder te varen. Dit alles zorgt er voor dat de plaatjes die in dit stukje tekst zijn opgenomen pas een uur later gemaakt konden worden...

Maar we gaan vol goede moed verder en komen bij de Friese Sluis, die inderdaad op spuien staat. Een oproep met de marifoon op kanaal 85 leidt er toe dat de lichten op rood-groen gaan, de achterdeur gaat dicht en we kunnen de sluis in. In een rustig tempo zakken we een eindje, om vervolgens de Zoutkamper Ril op te varen. Vlak voor de scheidingston stuurboord uit, daarna onder de Reitdiepbrug door, het havenkommetje bij ZK86 in en met een mooie boog meren we daar aan de steiger. Het is één uur in de middag. Die middag gebruiken we om een boodschap te doen en weer eens lekker te douchen en een biertje te halen op het terras van ZK86. Het havengeld wordt afgetikt. We bedenken dat we zin hebben in kibbeling en dat halen we zo rond vijf uur die middag bij de vishandel die op de dijk staat met een wagen. Dat smaakt goed! We hebben ook nog een ontmoeting met mensen die komen kijken bij een boot die daar te koop ligt: een IJlster Vlet van een meter of tien, waar ze met drie kinderen op willen varen.  We geven ze wat informatie (waar moet je op letten als je een boot gaat kopen), zeggen dat de vraagprijs voor het schip ons niet gek lijkt - we zouden het zelf voor die prijs hebben kunnen kopen als we niet zo'n geweldig schip hadden - ) en we geven ze een Palaver (ons clubblad) me. Wie weet...

Afgelegde afstand: 12,5 kilometer in 1,5 uur met een gemiddelde snelheid van 8,3 km/h. Brandstofverbruik 2,1 liter diesel. We passeren 1 brug en 1 sluis.

Zaterdag 9 juni 2018
Vandaag geen zonnetje, maar af en toe wat miezer. Ondanks dat besluiten we om het Lauwersmeer over te steken en op die manier richting Dokkum te varen. Daar zullen we water tanken en dan verder gaan. Dokkum was immers al zo vaak een stopplek en er zijn nog zoveel onbekende steigertjes...
En weer om ongeveer half elf steken we van wal en varen via het laatste stukje Reitdiep de Zoutkamper Ril op. Mooi breed vaarwater door een weids landschap. Aan de boorden van het water zien we de Schotse Hooglanders pootje baden.


Het is een fraai gezicht, er gaat ook een enorme rust van uit. Vlak naast de imposante runderen dobbert een ganzenfamilie op het water. Af en toe miezert het wat, maar het is niet koud. Dan komen we op ruimer water en verleggen de koers naar bakboord. Ongeveer twee uur na ons vertrek vanuit de garnalenplaats komen we bij de Willem Lorésluis, waar we vlot geschut worden dankzij de oproep via de marifoon. Daarna gaan we verder, passeren de Engwierumer Brug en besluiten op laag tempo verder te gaan om zo de middagsper te ontlopen. Zo komen we aan bij de Ir. D.F. Woudabrug, die door de schipper ruim van te voren wordt aangeroepen met de marifoon. De brugwachter belooft de brug te openen zodra we dicht genoeg genaderd zijn. We kunnen zonder vaart te verminderen door varen. Ondertussen glijdt het mooie Noord-Friese landschap voorbij, zwaaien we naar fietsers op het vroegere jaagpad dat is bevorderd tot fietspad en passeren de steenfabriek bij Oostrum. De scheve schoorsteen staat er nog, maar op het dak van de loods waar het ding staat is een extra dakbedekking aangebracht omdat er nog wel eens het een en ander aan steen naar beneden komt. Er ligt zelfs een complete verankeringsring op dat dak... We gaan verder en komen bij aanlegplek LM03. Dat lijkt ons eigenlijk wel een leuke plek om de nacht door te brengen. Dus wordt ook hier het land weer aan de boot vastgemaakt en genieten we volop van de rust van het noorden. We kijken baar de koeien in het weiland aan de overzijde van het vaarwater en zien een aantal luchtgevechten van de plaatselijke bruine kiekendief met zwarte kraaien en met kieviten. De kiekendief delft het onderspit...

Afgelegde afstand: 24 kilometer in 3,2 uur met een gemiddelde snelheid van 7,5 km/h. Brandstofverbruik: 4,3 liter. Aantal bruggen 2, aantal sluizen: 1.

Zondag 10 juni 2018
Vandaag is de broer van de schipper jarig. We hoeven niet langs te komen, de broer zit ergens in het diepe zuiden van Europa in het zonnetje te genieten van zijn vakantie. Natuurlijk is er wel een telefonisch contact met de felicitaties, hij heeft het daar naar de zin. Bij ons is er weinig zon en de wind zit vast in het Noorden. Dat heeft betrekkelijk weinig invloed op de temperatuur, die een aangename stand van rond de 20 graden aanhoudt.
Om half tien gaat het ankerop, en zetten we koers naar de vroegere admiraliteitshaven van Fryslân, Dokkum. Voordat we binnenlopen zien we dat de bomen op de kade vlak voor Dokkum allemaal geveld zijn, en dat er stug gewerkt wordt aan de oeververdediging, die thans in staal wordt uitgevoerd. Dat staat stoer, en staat ook garant voor golfslag... Dan varen we Dokkum binnen en meren aan de steiger bij de begraafplaats. Daar staat de waterkraan. We ontdekken dat die het gratis doet, we hadden er op gerekend dat we gebruik moesten maken van de aan/uit-app. Terwijl de tank gevuld wordt maakt Marion een babbel met de schipper van de boot die voor ons aan de steiger ligt. Die vaart wat heen en weer met zijn vrouw en hun hondje op een oude schuit die er voortreffelijk uitziet. De oude baas geniet van het varen. Nadat we de tank gevuld hebben nemen we afscheid en varen de Admiraliteitshaven in. Aan de andere zijde van Dokkum moeten we wachten tot dat de Altena- en de Iebrêge draaien. Omdat de brugwachter vandaag een langzame dag heeft duurt dat wel even... Die twee bruggen leveren een totale wachttijd van bijna een half uur op. Maar ja, de afstand tussen beide bruggen bedraagt dan ook wel 330 meter en het gesprek van de brugwachter met een passant verbijsterend interessant... En natuurlijk ligt daar weer zo'n handige zeiler die meent dat je al vast midden in het vaarwater moet gaan liggen als je nog niet aan de beurt bent, samen met de schipper van een huurschip die nog de nodige ervaring moet opdoen. Een aanvaring kon maar net voorkomen worden... We komen er goed van af en stomen op naar de Klaarkampster Brug. Die zal draaien als we wat dichterbij zijn, zo deelt de brugwachter mee in reactie op onze oproep. En zo gaat het verder, door Burdaard, waar we de twee bruggen tegen betaling van het vereiste bruggeld (€ 4,50) in een bestek van zo'n zes minuten passeren, maar opnieuw met koekenbakkers op huurbakken te maken krijgen (weer een bijna-aanvaring). Wat mopperig gaan we verder om tenslotte bij Bartlehiem - nadat we een motorjacht hebben ingehaald dat ons behoorlijk in de weg voer - stuurboord uit te gaan, de Blikfaert op, de noordelijke Elfstedentochtroute. We passeren een mooie steiger (hebben we al eens gelegen) en gaan verder door het fraaie maar bij tijd en wijle kale landschap. Weinig bomen en struiken, boerderijen op flinke afstand: als je hier bij een straffe oostenwind van Franeker naar Dokkum schaatst, heb je het heel slecht! Maar nu is het mooi weer en uiteindelijk varen we via de sluis van Alde Leie - die we zelf moeten bedienen - naar ons aanlegplekje, LM75. Daar zijn de tegels verwijderd, en is gekozen voor een bedekking met gras. Alleen: het gras moet er nog gaan groeien, er ligt overal graszaad... 



Die avond lopen we naar Ouwe Syl en eten bij Auke in het Graauwe Paard. Daarna wandelen we weer terug naar het bootje. 's Avonds, als het vrijwel helemaal donker is (tjonge, wat is het dan al laat!) ziet de schipper de lichten van Ameland en Terschelling. 

Afgelegde afstand: 24,9 kilometer in 3 uur met een gemiddelde snelheid van 8,3 km/h. Brandstofverbruik 4,5 liter diesel. We passeren 5 bruggen en 1 sluis.

Maandag 11 juni 2018
Vandaag varen we een wat kortere etappe. We hebben het plan opgevat om ergens halverwege Franeker in de Ried te overnachten. Daar zijn mooie aanlegplekken die we nog nooit hebben benut. Vol goede moed steken we om kwart voor elf van wal richting Vrouwbuurstermolen. Dat levert een mooi beeld op.
LM57

De molen staat weliswaar stil vandaag maar de vaartocht er langs is fraai. Ook daarna is het puur genieten van het mooie, wijdse landschap. Zo tutteren we door in de richting van Wier, waar we weer een sluis zullen passeren. Ondertussen komt de Navo-radar die bij dat dorp staat in zicht. Dan volgt een haakse bocht en daar is het sluisje, dat we - net als gisteren - zelf bedienen. Na het schutten vervolgen we onze weg naar Berltsum (mooie koepelkerk!) en na de kassen bij het Moddergat gaan we stuurboord uit, de Ried op. Na ongeveer 2,7 kilometer zien we een leuke aanlegplek en daar eindigt onze tocht voor deze dag. Het is geweldig mooi, Hollands zomerweer op een stek midden in het land. Op een bord vlakbij de aanlegsteiger staat een heel verhaal over het klooster dat hier in vroeger tijden heeft gestaan.

Dan vult een omineus gebrom de lucht, een gebrom dat al snel aanzwelt tot een flink lawaai. Dat komt niet van de visarend die hier rondvliegt. Er is een andere vreemde vogel in de lucht die we hier eigenlijk voor het eerst zien. In Limburg zagen we ze al wel vaker, maar deze komt vast van de vliegbasis nabij Leeuwarden. Het is wat lastig om het ding goed op de foto te krijgen, maar we slagen er in een plaatje te maken.
De AWACS komt even mooi in beeld voordat 'ie weer de wolken in duikt. Af en toe komt er ook een straaljager voorbij, die goed laat horen dat 'ie passeert...

Afgelegde afstand: 13,6 kilometer in 1,9 uur met een gemiddelde snelheid van 7,2 km/h. Brandstofverbruik 2,6 lieter diesel. We passeren 1 sluis.





Dinsdag 12 juni 2018
Afbeeldingsresultaat voor fontein franekerAls we het dan toch over korte tochtjes hebben: vandaag de kleinste afstand afgelegd: we eindigen in Franeker. Onderweg is er nog steeds dat mooie landschap en we meren uiteindelijk op ons vertrouwde plekje, achter de Stadsherberg. We benutten de tijd die middag voor een wandeling door de stad, bekijken de fontein die daar in het kader van Leeuwarden, culturele hoofdstad is geplaatst (alle Friese steden hebben een fontein). De fontein symboliseert de Oord-wolk, genoemd naar de aterrenkundige die uit deze stad komt. 

(foto ontleend aan Instagram)

We pikken een terrasje, maar moeten daar wel even verkassen omdat de fontein ons wat natspettert. Na dat terrasje, waar de rust vanwege werkzaamheden aan het stadskasteel (de Martenastins) verre was te zoeken, lopen we verder om even de benen te strekken. Het zestiende eeuwse pand wordt opgeknapt, de werkzaamheden veroorzaken veel herrie en stof.

afgelegde afstand 7,5 kilometer in 1 uur met een gemiddelde snelheid van 7,5 km/h. Brandstofverbruik 1,4 liter diesel.

Woensdag 13 juni 2018
We blijven vandaag in de stad van Eise Eisinga en Hendrik Jan Oord. Na de koffie op het terras van de Hema lopen we rond en genieten van het moois dat de stad te bieden heeft. Dit bijvoorbeeld.

Daarna gaan we naar de kringloopwinkel die we een tijd geleden hebben gevonden: helemaal proppie-vol met allerlei spullen, van heel oud tot vrij modern. De Wartburg die hiernaast staat afgebeeld is van de eigenaresse van de winkel. In die winkel vind je petroleumstellen, pakken Heerenbaai en Van Rossums Troost, poppen, pijpen, glazen, kleding, wandelwagens, speelgoed, je kunt het zo gek niet bedenken of het staat er wel op een of andere wijze. Nadat we - zonder spullen - de winkel weer hebben verlaten lopen we om het centrum heen. Via een bruggetje belanden we weer in het middelpunt van de stad. We kijken bij een makelaar en zien een huis dat ons wel aanspreekt. Het is opvallend dat diverse oude woningen van een lelijke verflaag zijn voorzien. Onderweg bekijkt de schipper het Korendragershuisje. Maar dan komen we bij het "aansprekende huis" en constateren dat ook daar vieze verf op zit. Jammer! We hobbelen weer terug naar de boot en maken ons op voor een lekkere spetterpartij. De douches zijn namelijk niet erg ver weg.
's Avonds gaan de lichten aan in de Stadsherberg. Dat was gisteren ook al zo, en dat levert een mooi plaatje op. Je zal maar gestraft worden met zo'n uitzicht...

Wij eten op onze eigen manier: er wordt een potje gekookt. Dat betekent dat de Dutch Oven tevoorschijn wordt gehaald. Het levert nog een mooie vispatij op: het roostertje waar de deksel van de Dutch Oven op geparkeerd wordt blijft aan het deksel plakken totdat de schipper met een zwaai het deksel op de … plons! Weg roostertje... Na een kwartiertje vissen met een pikhaak hebben we beet: als die weer boven water komt hangt daar het roostertje aan! Tja, zonder geluk vaart niemand wel. We eten lekker!

Donderdag 14 juni 2018
We moesten maar weer eens gaan varen, want anders bestaat het risico dat we de weg naar huis vergeten. Daar kan je natuurlijk een lang gesprek over hebben, maar de afgelegde afstand van vandaag is nog niet het dubbele van die van eergisteren. Er is namelijk een leuke aanlegplek in de buurt van Wommels, de plek waar de opa van een jochie vandaan kwam die we spraken bij Visvliet. Dat mannetje wist te vertellen dat opa ieder jaar met zijn verjaardag naar Visvliet kwam met de boot! Maar goed, wij maken nu dus de omgekeerde tocht. Vanuit Franeker onder die nieuwe brug door, naar het Prinses Margriet Kanaal totdat we bij de Franeker Vaart komen. We worden een soort van achtervolgd door een ander motorjacht, maar als we Wjelsryp voorbij zijn, is dat verdwenen. We gaan onder de verzakte brug door, varen langs het landje en de aanlegplek waar we in een vorige vakantie een potje hebben gekookt.
Zo rond half tien schijnt de zon nog vrolijk, maar langzaam maar zeker laat die ons wat in de steek. dat eindigt rond een uur of drie, als we al een tijdje op ons mooie plekje aan steiger FL40A bij de polder met de mooie naar Skrok gemeerd liggen tot de volgende beelden.



Links een windmeter die windkracht 5 Bft aangeeft met een uitschietertje naar bijna 7, en rechts het bijbehorende regenbuitje...
We mochten niet klagen, eigenlijk was dit de eerste echte regenbui in onze vakantie, die andere buitjes waren meer miezer-dingetjes die dan een minuut of tien aan hielden. Maar ook hier werd het weer vrij vlot droog, nadat het wel even geplenst had.
Die bui en de harde wind hadden wel weer tot gevolg dat we een beetje verstoken bleven van de mooie vogel-beelden die we andere jaren daar wel eens hebben gezien, maar je kunt natuurlijk niet alles hebben.
Ondertussen was in Wommels het foute feest aan de gang. Om eens te zien wat daar zoal gebeurde keken we even op internet, en ja hoor: volkomen fout en dus wel weer heel leuk!

Afgelegde afstand: 13,6 kilometer in 1 uur en 54 minuten met een gemiddelde snelheid van 7,2 km/h. Verbruik brandstof: 2,4 liter diesel. We passeren 1 brug.

Vrijdag 15 juni 2018
Abbegaasterketting
Vandaag verkassen we weer, en wel naar een plek waar we nog nooit hebben overnacht. Tenminste niet in die stad (Jazeker: één van de elf Friese steden is ons doel). Om kwart voor tien vertrekken we, want we hebben vandaag wel wat werk aan de winkel. Er moet weer eens water ingenomen worden, en er zijn nogal wat bruggen die ons wachten. Voeg daarbij een middagpauze, en je bent zomaar weer wat uurtjes onder de pannen. Het temperatuurtje is aangenaam, het zonnetje is ook weer aanwezig en het zachte briesje zit in het zuiden. We gaan eerst maar eens naar Bolsward, waar we drie bruggen hebben op zo'n kilometer vaarweg. Bij de eerste brug moet gewacht worden op de brugwachter, die na een kwartiertje op zijn fiets komt aangereden. Na die eerste brug gaat het in de stationair maar met de motor in het werk naar de tweede brug, en dan vervolgens naar de derde. Dan komen we uiteindelijk in de havenkom die eindigt op het Krûswetters. Daar halen we vers drinkwater en met een volle watertank varen we richting Wolsumerketting. Na Abbegaasterketting en de voetbrug van Oostrum ligt er de spoorbrug. Maar voor het zover is zien we eerst een huurbak die het niet helemaal snapt: rood licht betekent voor hem doorvaren... Tja, even wachten kan natuurlijk niet als je haast hebt, en iedere cent huur moet eruit gehaald worden, toch? Maar dan komt dus de spoorbrug. Daar moeten we een kwartiertje wachten (kennelijk was onze planning toch niet helemaal jofel, al was het oponthoud bij die voetgangersbrug iets langer dan gedacht). Maar dan zwaait de spoordraaibrug open en kunnen we onze koers verleggen naar bakboord, zodat we IJlst in varen. Daar vinden we aan de bakboordszijde van het vaarwter een aanlegplek. De schipper heeft even een discussie met een zeer gastvrije inwoner van dit mooie stadje die het niet goed vindt dat je voor zijn met onkruid overwoekerde tuintje gaat liggen, want ja, de vrouw hè...

Na het meren gaan we maar eens aan de wandel en belanden op het terras van de Stadsherberg "Het wapen van IJlst" aldaar. Het aloude KAB-je (koffie, appelgebak, bier) staat op het programma, maar bij het tweede biertje worden wat versnaperingen toegevoegd, waar onder een Frysk Plankje met droge worst, twee soorten overheerlijke kaas, olijfjes en andere lekkernijen. Vanaf ons terras zien we de brug open en dicht gaan, staan auto's daar voor te wachten, en genieten we van het hele gebeuren. Na onze versnaperingen wandelen we door het mooie stadje, ontdekken we de Poiesz (handig voor de inkoop van sukerbôle en bruin brood).






Ijlst… of Drylts, zoals de Friezen dat zeggen. Mooi stadje!





Afgelegde afstand: 19,6 kilometer in 2 uur en 48 minuten met een gemiddelde snelheid van 7 km/h. Brandstofverbruik: 3,5 liter diesel. We passeren 9 bruggen.

Zaterdag 16 juni 2018
In het scheepslogboek heeft deze dag de titel "op bekend terrein" meegekregen. Vandaag zal de reis naar de Meerkoet gaan, via allerlei al eens bevaren vaarwegen. Eerst kijkt de schipper nog naar het droog zetten van een motorschip dat gisteravond bij de werf is gebracht. We maken het niet meer mee: men is zeer lang bezig en dan ligt het witte gevaarte nog steeds in het nat. Omstreeks tien over tien vertrekken we, en ongeveer dertig minuten later komen we bij De Skou, de brug bij Osingahuizen. Op het Heegemer Mar varen de skûtsjes, we zien ze aan de horizon varen.

Skûtsjes op het Heegemer Mar


Het is rustig op het water. We passeren Wâldsein en varen het Sleatemer Mar op. Daar worden we achtervolgd door een ander schip dat ons inhaalt, maar dat ook gelijk met ons door de brug van Sleat vaart. En dan zo langzaam gaat dat we de snelheid er helemaal uit moeten halen, zelfs in het stationaire werk gaan we nog te hard. Fijn hoor, zo'n schipper die overal rekening mee houdt... Gelukkig gaat 'ie bij de Wâldsleat rechtuit, terwijl ons plan is om bakboord uit te gaan. We kunnen weer onze eigen snelheid varen en gaan op weg naar het Brandemeer. Daar is een aanlegplek die we ooit nog eens moeten uitproberen... Maar niet nu, we zijn op weg naar de Follegasleat en de bijbehorende brug, die probleemloos voor ons draait. Even voor half twee draien we de Pier Christiaansleat op en meren even daarna tegenover het nieuwe "dorpje" dat daar is gebouwd voor de happy few.

We bewonderen er opnieuw de mooie ondergang van de zon (in de wetenschap dat die morgen weer terugkomt om voor onze opvolgers hetzelfde mooie kleurenpalet tevoorzchijn te toveren).


Op deze mooie dag is de afgelegde afstand 26,2 kilometer, in 3 uur en 24 minuten afgelegd met een brandstofverbruik van 4,9 liter en een gemiddelde snelheid van 7,7 km/h. We passeren 3 bruggen.




Zondag17 juni 2018
Zo'n tochtje van nog net geen 14 kilometers. Het is altijd weer een leuke route! Vanuit Ychtenerbrêge varen we via de Pier Christiaansleat naar de Kuunder. Onderweg komen we nog langs Schoterzijl. We kijken naar de vogels onderweg, genieten van gele plompen, plompeblèren en waterlelies, bam e rust op het water en van het varen. Bij het Wijd (hier geschreven als Et Wied) zien we de verdere ontwikkeling van een dorpje vakantiehuizen en constateren dat de steiger in het verbrede vaarwater is verdwenen. Daar missen we niet veel aan: de zwarte kunststofsteiger was geheel wit gemaakt door de meeuwen die er altijd op zaten. Eenmaal bij het haventje van Schoterzijl meren we rond kwart voor twaalf voor een lunchstop: zouden we doorvaren dan komen we in de middagsper terecht van de Kuunder Sluus, en daar lig je niet zo heel erg comfortabel. We hebben er een babbel met onze achterbuurman die kort na ons meert en in Kuinre zijn thuishaven heeft. Hier gaan ze even douchen op de camping. Als wij wegvaren komen zij net terug. We vervolgen onze weg door het leuke vaarwater van de Tusschen Linde (waarom de provincie de spelling van dit mooie riviertje nou heeft gemoderniseerd ontgaat de schipper). Bij de sluis hebben we een gezellige babbel met de dame die de deuren bedient en de brug laat draaien, en vervolgens varen we achter de oude melkfabriek langs naar de steiger aan de voor ons stuurboordszijde van het vaarwater. We binden Kuinre vast aan de boot.

Kuinre. Rechts eenzaam ons bootje

Afgelegde afstand 13,6 kilometer in 1 uur en 48 minuten met een gemiddelde snelheid van 7,6 km/h. Brandstofverbruik: 2,5 liter diesel. We passeren 1 brug en 1 sluis.

Maandag 18 juni 2018
"Zomaar een aanlegplek is altijd leuk" staat er in het scheepslogboek. Je moet niet altijd hetzelfde doen en dus... we varen vandaag via Ossenzijl naar Steenwijk, maar slapen daar niet. Sterker nog: we laten die stad links liggen! Onderweg passeren we het schip van de Havendienst, een klein bootje van een agrariër met veel humor... Na ons vertrek om half elf varen we na ongeveer een uur via de Ossenzijler Sloot door de brug en gaan daarna bakboord uit. Het is even manoeuvreren, aan de andere zijde liggen wat schepen die niet door hebben dat er ook wel eens verkeer richting Steenwijk gaat... Bij de Hogewegsbrug is met druk bezig met de vervanging van het remmingwerk, wat enige vertraging op kan leveren. Wij merken er niets van, zwaaien naar de brugwachter en vervolgen onze vaarweg. Hoewle dit een kanaal is met weinig bochten is het altijd een fraai gezicht. Varend in de richting Steenwijk de Wieden aan stuurboord en het hoge land aan bakboord. Verderop in het land de boerderijen, wat vee en bouwland met bieten of mais. Zo gaan we door, langs de Meenthebrug en de Hesselingenbrug. Nadat we door deze brug zijn gekomen en opnieuw de brugwachter hebben toegezwaaid (sinds enkele jaren is de automatische brugbediening gelukkig weer vervangen door echte brugwachters), besluiten we dat het wel mooi is voor vandaag en leggen aan op de aanlegplek vlak voorbij de brug. Langzaam maar zeker wordt de lucht grijzer en wakkert de wind aan. 

Het wordt steeds donkerder, en even later steekt de wind echt op. De schipper plaatst de windmeter maar weer eens op de grijplijst op het kajuitdak en meet daar een forse bries met uitschieters naar windkracht 7. En even later wordt het nat, erg nat: de regen stremt de boot. Vanuit het veilige stuurhuis ziet dat er zo uit.







Het is eigenlijk wel een imposant gezicht. Nadat de regen weer is opgehouden (het was maar een bui...) ziet het land er nog steeds wat grauw uit. De zon is achter de wolken verdwenen, een loodgrijze lucht hangt boven het mais dat nawiegt in de wind.





Toch is er hoop op betere weersomstandigheden, er zijn immers opklaringen aangekondigd, en morgen zou het … Weer een tijd later breekt de lucht en dan verdwijnen de wolken langzaam maar zeker.
Terwijl we grappen maken over de belevingsvlucht (ieder overvliegend vliegtuig wordt door ons zo aangeduid) gaat de zon voorzichtig wat schijnen, maar langzaam maar zeker wordt het ook wat minder licht: het eind van de dag nadert. Dat levert deze plaatjes op.



We varen vandaag 17,9 kilometer in 2 uur en 18 minuten met een gemiddelde snelheid van 7,8 km/h. Brandstofverbruik: 3,2 liter diesel. We passeren 4 bruggen.










Dinsdag 19 juni 2018
Op weg naar een andere Hanzestad dan die van onze ligplaats. We passeren de Thijendijksbrug, gaan bij Steenwijk het Steenwijker Diep op en gaan met een gematigde snelheid in de richting van Geertien. Onderweg zien we wat schepen op aanlegplekken liggen, maar we vervolgen onze weg. Ook onze vaste aanlegplek "Tussen de bruggen" wordt gepasseerd, ons doel ligt immers verderop. Langs de weg wordt een kabel in de grond gewerkt, ook hier wordt een glasvezelnetwerk uitgerold. Na de draai naar bakboord de Wetering op (lastig om te zien of er verkeer is, een oproep via de marifoon heeft hier geen zin) varen we nagenoeg lege terras van Geertien. We komen op het GiethoornseMeer, dat reeds in de laatste ijstijd is ontstaan, houden daar de geul aan die ons naar de Valsche Trog voert. Zo komen we om twee minuten over twaalf aan bij de sluis, die dan middagpauze viert. Dat doen wij dus ook maar... Liggen we daar aanvankelijk alleen, al snel meert een boegschroefspecialist achter ons, en liggen er meer schepen te wachten. En natuurlijk heb je schippers die denken dat je wel door een dichte sluisdeur heen kunt gaan. Ze varen onverrichter zake terug...
Om even over een wordt de Beereboot geschut, en varen we … O, wacht, de mensen die na ons de sluis in vieren hebben al los gemaakt en willen vertrekken. Op je beurt wachten? Nooit van gehoord... Na wat geroep vaart de Beereboot toch als eerste naar buiten, om zo een echte aanvaring met schade te voorkomen. Ze zetten tegenwoordig ook maar zo van alles aan het roer... Even later varen we om het remmingwerk heen en leggen aan voor huisnummer 13, onze vaste plek in Blokzijl. Mooi uitzicht!



Blokzijl...

Afgelegde afstabd: 14,5 kilometer in 1 uur en 48 minuten met een gemiddelde snelheid van 8,1 km/h. Brandstofverbruik: 2,5 liter. We passeren 3 bruggen en 1 sluis.

Woensdag 20 juni 2018
Deze dag is een gedenkwaardige. Terwijl wij genieten van onze laatste vakantiedag sterft in Zwolle onze goede vriend Gerard na een vrij kort ziekbed. De zeiler in hart en nieren, die altijd sprak van de gestolen zee als hij het over de IJsselmeerpolders had, is niet meer.
Van Blokzijl naar Kampen, een bijzinder bekende route "buiten om", zoals dat in ons jargon heet. Dat betekent door de oude zeesluis (die niet meer draait) en via het Vollehover Kanaal, Kadoelermeer en Zwanendiep naar het Scheepvaartgat… De rest is welbekend, een bijna wekelijks vaartochtje, maar daarom niet minder mooi! Onderweg ligt een zeiljacht met twee masten voor anker voorbij het eiland in het Kadoeler Meer. Ineens realiseert de schipper zich dat het de vrienden uit Marknesse zijn, die met de Käthe naar kennelijk de nacht hebben doorgebracht. Veel te laat komt die gedachte op, en dus wordt veel te laat het onderstaande zoekplaatje gemaakt...

Daarna gaat het verder, over de bekende vaarwateren, langs de naald, waar we meren om de middagpauze bij de Ganzensluis te ontlopen. We weten dat we een dag eerder aankomen in onze haven, vanwege het slechte weer dat voor morgen is voorspeld. Stuiteren op de IJssel is niet zo ons ding, zal ik maar zeggen. 

Om  kwart voor twee varen we na geschut te zijn in de Ganzensluis de IJssel op, na nog eens 800 meter gaan we stuurboord uit de haven in. Daar zijn de eikenprocessierupsen ook nog steeds aanwezig (we zijn zo gastvrij dat ook die beestjes langer mogen blijven). Het varen deze vakantie is gedaan, maar we blijven nog even op de haven om van de vrijheid te genieten.

Afgelegde afstand: 30,5 kilometer in 4 uur met een gemiddelde snelheid van 7,6 km/h. Brandstofverbruik: 5,2 liter diesel. We passeren 1 sluis.

Donderdag 21 juni 2018
Gevaren wordt er niet meer, de laatste dag van de vakantie aan boord is altijd bedoeld voor schoon schip maken en de was doen. De schipperse doet het laatste thuis, het eerste is een klusje voor de schipper in de haven. Het beloofde weer breekt los: een harde wind uit westelijke richting stuwt het water van de rivier op, van boven komt water uit Zwitserland en recht van boven valt af en toe het een en ander uit de lucht. al snel stijgt de waterspiegel tot boven de beschoeiing. Het land  achter de steiger loopt onder... Op e IJssel worstelt een motorjacht met de golven, een sleepboot vaart in een gordijn van water stroomafwaarts en de wind giert door de masten. Windkracht zeven is toch flink weer...

We hadden een mooie vakantie met goed weer! Na thuiskomst moet de schipper maar weer eens even aan de Oude Dame gaan sleutelen...

Een nieuw seizoen

De winter hebben we achter ons gelaten en de eerste zomerse dagen zijn ook al weer achter de rug. Maar de Beereboot ligt nog in de schuur. Druk bezig met de Oude Dame, die een complete facelift onderging. En natuurlijk het winterse weer dat ineens de kop op stak en in elk geval voor hele mooie beelden zorgde.


't Waren natuurlijk wel hele koude beelden! Maar ook in de schuur was het enorm koud (een grote deur met daarbij glas ligt pal op het oosten), schilderen was er niet bij! En dat was wel nodig: ik had een raam uit de slaapkajuit verwijderd wegens roestvorming onder het raamrubber.
 
Dat probleem is inmiddels getackeld, maar het spul weer terugplaatsen moest wachten op warmer weer.


Dat terugplaatsen heb ik op 21 april 2018 gedaan. 't Was een heel gevecht, het rubber was toch nog stugger dan ik dacht. Maar uiteindelijk heb ik toch gewonnen, en dat gaf - zeker na gisteren, na het debacle met de bus (kijk maar op de pagina over de busrestauratie).  Het raam zit er weer in, de pees moet nog even in het rubber getrokken worden. Het onderwaterschip is ook al weer zwart en de reparatie aan de spiegel vordert goed. Niet helemaal perfect werk, maar in elk geval netjes genoeg om dit nieuwe seizoen weer te gaan varen.


maandag 23 april 2018
Zo, het raam zit er weer helemaal in, inclusief de pees. Ook dat was wel weer even een dingetje, ik doe dat eigenlijk niet vaak genoeg... Verder even wat kleine schilderklusjes gedaan. Eén van de stabilisatievleugels moet nog een keer, en hier en daar het potdeksel bijwerken. En dan mag 'ie weer te water!


zaterdag 28 april 2018
Wat later dan meestal gaat vandaag de Beereboot weer het natte water in. Om 8 uur staan we klaar bij de helling en om half negen ligt de boot weer in de box. De motor starten was geen probleem: starten-lopen, zoals dat heet. Het poetsen kan beginnen: alle stof en rommel van de boot wordt verwijderd, binnen en buiten. En op zondag 29 april worden de gordijnen weer opgehangen, nadat de matras aan boord is gebracht. Nu nog het bed opmaken en we zijn er weer klaar voor.


O ja, er moet ook nog iets geregeld worden voor de navigatie, want de computer is opnieuw geïnstalleerd, en alles is eraf gehaald. Klusje voor de avonduren van 30 april...

Turf, sondering en langzaam ruimende wind

Vakantie 17 augustus 2017 tot 4 september 2017

gevaren route: Kampen - Meppel - Diever - Appelscha - Donkerbroek - Gorredijk - Earnewâld - Zwaagwesteinde - Dokkum - Bartlehiem - Wergea - Grou - Akkrum - Tsjûkemar (Tsjûkepôle) - Blokzijl - Kampen

Gevaren afstand: 297,8 kilometer, aantal vaaruren: 37 uren en 42 minuten, verbruikte brandstof  52,5 liter.









Donderdag 17 augustus 2017
Voordat we met vakantie gaan bezoeken we traditiegetrouw de moeder van de schipper, die de komende week 93 jaar zal worden. In het verpleegtehuis heeft men echter weinig tijd voor ons, en de toestand vn moeder is niet zodanig dat we daar lang blijven. Dat alles heeft tot gevolg dat we om half twaalf al vertrekken vanuit onze thuishaven, ongeveer 22 uur eerder dan we hebben bedacht. Bij het Koggeschip bunkeren we 90,05 liter diesel voor € 117,05. Daarna varen we verder om rond half drie te meren in de Aremberger Gracht. Het weer is niet verkeerd: de luchtdruk is ongeveer 1011 hP, de temperatuur bedraagt zo'n 20 graden en er staat een windje 3 vanuit het zuiden. De lucht is geheel bewolkt.
's Avonds maken we een wandelingetje naar De Belt, het restaurant aan het water van de gracht, waar we een voortreffelijke start van onze vakantie maken.
De Belt, goed voor een lekker etentje!

Afgelegde afstand: 22,1 kilometer, vaartijd: 3 uur, 6 minuten, verbruikte brandstof: 4,4 liter. 2 sluizen.








Vrijdag 18 augustus 2017
Om half elf gaat het anker op, en vertrekken we in de richting van het land van Bartje. Via de Belterwiede en het Kanaal Beukers-Ossenzijl varen we naar de Beukerssluis. Daar is het wat druk: we missen de schutting en moeten wachten, zodat onze passage een half uur duurt. Maar ach, we zijn met vakantie, dus wat zou dat? Om kwart voor twee zijn we gevorderd tot de Paradijssluis, waar een aantal bootjes op de aanlegplaats ligt. We denken dat ze dat doen voor de overnachting, maar het blijkt dat er ook enkele zijn die verder willen. Een beetje voor onze beurt liggen we daardoor in de sluis... Na de sluis knopen we vast voor een overnachting. Daar denken we dat een schip uit Urk in de brand staat, er komt flink wat rook uit. Het blijkt dat ze daar per ongeluk de kachel hebben gestart, een kachel die niet helemaal jofel nootje is, en uit een soort van protest een tactisch rookgordijn produceert.

We bestuderen de treinpassages, zien een oude Volkswagenbus T2 en een mooie Kever, maar missen het oldtimergebeuren dat daar in de buurt plaatsvindt. Tja, je kunt niet alles hebben.

We varen 16,3 kilometer in 3 uur en 12 minuten, passeren twee sluizen, 2 bruggen en verstoken 4,5 liter diesel.


Zaterdag 19 augustus 2017
Vandaag zullen we wel weer terechtkomen bij ons vaste stopplekje als we de Hoofdvaart op gaan: de Haarsluis. Het is half bewolkt, 18 graden en een windje 4 uit het zuidwesten. We hebben zeven minuten nodig om de spoorbrug van Meppel te passeren om daarna nog enkele bruggen te laten draaien. O ja, er zijn natuurlijk ook allerlei sluizen op dit traject, dat zich kenmerkt door mooie eiken langs de waterkant, verkeer op wat vroeger het jaagpad langs het kanaal moet zijn geweest en de gemaaltjes bij de sluizen, die 's nachts het kanaal weer vol met water pompen. Door al dat schutten loopt het langzaam leeg, want Assen ligt wel 11 meter hoger dan Meppel...

We varen vandaag 19,6 kilometer, in 3 uren en 12 minuten, verstoken 3,7 liter diesel en passeren 11 bruggen en 3 sluizen.

Zondag 20 augustus 2017
Het leven van een schipper gaat onder veel bruggen door en passeert vele sluizen, dat wordt ook vandaag wel weer bewezen. De Beereboot vertrekt onder een volledig bedekte hemel bij een temperatuur van 19 graden. Het miezert een beetje en om 11:00 uur regent het zelfs. De wind is wat minder dan gisteren en komt uit dezelfde richting. We genieten onderweg van het voorbij glijdende landschap, zoals zich dat onder de kruinen van de eiken op de wal laat bekijken. We zien koeien, kalkovens, verkeer en sluizen, gemalen en bruggen langskomen. Het Drentse landschap is mooi, het varen gaat heel rustig en we leggen toch een afstand van ruim 14,5 kilometer af. Die afstand brengt ons naar Appelscha, dat op de Turfroute is gelegen. Die zijn we rond 11:50 uur opgevaren via de Witte Wijksbrug.
Dit jaar is de route gratis, vroeger betaalde je een bedrag van op het laatst tegen de € 20,--. Later horen we dat het beheer van vaarwater en bijbehorende kunstwerken niet meer bij de Stichting de Nije Kompagnons ligt, maar is overgegaan naar de provincie. Dat zal in de toekomst wel gevolgen hebben.
Ons plannetje om uit eten te gaan in het ooit zo gezellige Appelscha slaagt niet: het restaurant dat we in gedachten hebben is gesloten en de andere gelegenheden ogen òf niet aantrekkelijk, òf verlaten, òf zijn eveneens dicht. Ook vinden we het dorp nogal rumoerig met aan beide zijden van het kanaal een verkeersweg die druk bereden wordt. En omdat het zondag is, komen er toch nog veel dagjesmensen langs.

We varen vandaag 14,6 kilometer in 2 uur, verstoken 2,6 liter brandstof en passeren onderweg 11 bruggen en 3 sluizen.

Maandag 21 augustus 2017
Vandaag varen we verder, Appelscha hebben we wel gezien. Maar eerst helpt de schipper een paar "collega's" door de Smidsdraai en maakt hij een babbel met een stel uit ... Ja, uit onze eigen haven in Kampen! Na de Smidsdraai komen we bij het Stokersverlaat. Het kost bijna 35 minuten om deze sluis te passeren en in de wachttijd maken we een babbel met de mensen van de boot voor ons. Elf minuten na het vertrek uit deze sluis liggen we al weer voor de volgende: het Fochteloër Verlaat. Het bijzondere van de sluisjes op deze route is dat ze stampvol water komen, waardoor je bijna met je boot op de vaste wal belandt. Lastig om aan land te gaan, en dat is in iedere sluis wel nodig, want ze hebben allemaal zo'n "handige" stang waaraan je je landvasten moet bevestigen. Maar vooralsnog is dat niet aan de orde...

We vermaken ons opperbest: de boerderij naast de sluis wordt voorzien van een nieuw rieten dak en het is - zoals op de foto te zien is - schitterend weer. Gelukkig maar, want het duurt allemaal erg lang. We hebben de schutting net gemist, wat betekent dat onze "voorliggers" eerst afgeschut worden, en daarna worden onze "tegenliggers" opgeschut. En dan pas zijn wij aan de beurt... Het betekent dat we een uur en tien minuten doen over deze sluispassage... Maar ach, wat geeft het? We hebben toch vakantie?
Daarna varen we verder en zo'n 25 minuten later passeren we de fietsbrug van Oosterwolde. Ooosterwolde is altijd leuk binnen komen, al ligt het kanaal daar wel vrij diep. Kijk maar.

 Het is er fraai varen, er staan mooie huizen en het is in Oosterwolde heel wat rustiger dan in Appelscha. We besluiten dat we in de nabije toekomst hier nog wel een keertje zullen gaan overnachten, maar voor vandaag hebben we een ander doel.

We passeren hotel "De Zon", het pand waar ooit een oud-collega van de schipper werd geboren.
De brug draait voor ons, en we zijn in het gezelschap van een schip waarvan de bemanning niet weet hoe je moet varen... Altijd spannend, als je zo'n stel zoetwatermatrozen in je nabijheid hebt. Maar gelukkig gaat het goed, en zij knopen vast aan de kade van Oosterwolde.



Wij varen verder in de richting van Donkerbroek. Als we daar aan komen is er helemaal aan het einde van de rij (voor ons het eerste plekje) een plaatsje beschikbaar. Daar maken we Donkerbroek vast aan ons schip, zetten de stoeltjes buiten en puffen uit in de warmte. We hebben een gesprekje met onze buren, die al op leeftijd zijn maar in een mooi schip rondvaren, een platbodem die door de schipper zelf is opgeknapt.
We bezorgen de mensen op deze plek wat verantwoorde literatuur (de Palaver, het blad van onze vereniging) en gaan te voet het dorp verkennen. We zijn op zoek naar een plek waar ze bier verkopen... En die plek is er: Het Witte Huis. Op het terras genieten we van ijs met advocaat, slagroom en chocoladesaus... En we kunnen meeluisteren naar een "therapeutisch" gesprek dat een dame en een heer voeren met een jongedame die kennelijk wat minder geluk in het leven heeft gehad. Natuurlijk nuttigen we ook datgene waarvoor we kwamen: enkele biertjes, voor de juiste vochtbalans...


Na dit alles maken we een plaatje van de kerk en de klokkenstoel van Donkerbroek en een praatje met de mevrouw van de overkant, die vertelt hoe ze daar terecht is gekomen.
Nu zorgt ze voor de plantjes van de overbuurvrouw, en voor de honden die achter in de tuin vertoeven.

We wandelen terug en bekijken de snikke die in de Compagnonsvaart is gemeerd tegenover de brocanterie-zaak.
Het is stil op de aanlegplek: de weg aan de overzijde van het kanaal is alleen toegankelijk voor fietsers en bestemmingsverkeer, doorgaand verkeer moet buiten het dorp om. Wij vinden dat een mooie maatregel, want dat zorgt voor rust.

afgelegde afstand 10,6 kilometer, 6 bruggen, 3 sluizen. Vaartijd 2 uur 30 minuten, gebruikte brandstof 1,3 liter.

Dinsdag 22 augustus 2017
Al weer de driënnegentigste verjaardag van de moeder van de schipper. Jammer dat ze dat zelf niet meer beseft, wat overigens ook de reden is om er niet meer voor thuis te blijven. Wij besluiten om deze dag een eindje te gaan fietsen. Maar wat is dat? De hele wereld lijkt wel hetzelfde plan te hebben: er komen non-stop grote groepen fietsers langs aan de overzijde van de vaart. O ja, het is fietsvierdaagse in Drente, we hadden dat al in Appelscha gehoord van mensen die daar met hun boot lagen en er speciaal voor gekomen waren... We trekken ons er niets van aan en besluiten dat we - vanwege de conditie van de schipperse - niet al te ver zullen fietsen. Over een mooie route (met dank aan de fietskaart) rijden we naar Oosterwolde, waar we bij De Zon op aanraden van een gezellige Brabantse meneer een speciaalbiertje bestellen. Smaakt perfect! Ondertussen komen er hordes fietsers langs, en de verkeersregelaar - die er erg veel zin in heeft - is er stikdruk mee. We genieten van een tweede glas bier (op één been lopen gaat wat lastig) en doen er een lunch bij. Smaakt prima! Daarna zoeken we de fiets weer op, maar zien ook een bijzonder motorvoertuig.
Een Chevrolet uit 1931, met nog een origineel kenteken uit Ontario (Canada) op de achterzijde. Het antieke voertuig staat daar "zomaar" geparkeerd en we lopen er omheen voor een mooi plaatje.
Daarna fietsen we terug naar ons bootje, alhoewel...

Die band wordt nu toch wel erg zacht, maar even oppompen, dat ding. Vijftig meter verder is hij al weer zo plat als een dubbeltje, dus daar moet iets anders aan de hand zijn. Het meisje fietst door naar de boot, en de schipper verandert van beroep: hij wordt tijdelijk fietsenmaker... De band is lek als gevolg van een geïmproviseerd velglint dat niet is blijven zitten: het plakband dat gebruikt is als velglint is verschoven en maakt een scherpe punt, die een gaatje in de band heeft geprikt. Dus plakken maar! Na die exercitie fietst ook de schipper naar het biertje (pardon, het bootje). Zo hebben we weer een leuke dag besteed.

Woensdag 23 augustus 2017
Het wordt tijd dat we weer wat diesel gaan opmaken. Het is de bedoeling dat we vandaag naar Gorredijk zullen varen, waar een mooie aanleg is in een parkje tegenover seniorenwoningen. Om acht minuten over tien steken we van wal, geven de meisjes die de nieuwe draaibrug in Donkerbroek bedienen een euro nadat we de watertank hebben gevuld. Vlak achter de draaibrug is een tweede brug gelegen en twintig minuten varen daarna een derde. Voor die derde moeten we ruim tien minuten wachten, ook een brugwachter is ondeelbaar... We maken een verre vaartocht, als je op de kaart kijkt...




We vertoeven in Russische sferen... Het verhaal gaat dat er ooit een cafeetje was in een dorpje waarvan de kroegbaas Peter heette. De man was erg bekend natuurlijk, en ook geliefd. Dat leidde er toe dat mensen uit de omgeving begonnen te spreken van Petersburg, als ze het over dat dorpje hadden. Tja, toen heette de nederzetting aan de andere zijde van de Compagnonsvaart als snel Moskou... Leuk verhaal, en - dat moet gezegd - een bijzonder mooi plekje. De vaart wordt omzoomd door groen en gaat daarin geheel en al schuil. Kijk maar eens!



De Compagnonsvaart in dat stukje "Rusland" biedt een feeëriek beeld. De meneer die met ons opvoer had wat problemen met de diepgang. Hij had het idee dat hij voortdurend met de kiel van zijn als motorboot gebruikte zeilschip door het veen ploegde. Het aardige was dat hij dezelfde dieptemeter heeft als ik en ook dezelfde waarde gepresenteerd kreeg. En die was ruimschoots voldoende, dus wat er nou aan de hand was?


Uiteindelijk komen we dan waar we willen zijn: Gorredijk. Inmiddels is de lucht dicht gezakt en is de zon wat ver te zoeken Toch liggen we er niet verkeerd.

Het fietspad loopt vlak langs de aanlegplek, da's wel handig, want dan kan je gemakkelijk met de brugwachter overleggen wanneer je wilt vertrekken. Want die komt geregeld langs, omdat Gorredijk grossiert in bruggen en ook nog in het rijke bezit is van een sluis. Zomaar wegvaren is er dus niet bij...

Dat plan hebben we ook helemaal niet: we gaan eens even op verkenning uit en willen ook een  hapje eten in de winkelstraat. Dat doen we op z'n Italiaans, en dat smaakt weer perfect. Zo'n maaltijd moet je er ook weer aflopen, dus dat wordt een wandelingetje naar de andere kant van het dorp, waar we vandaan zijn gekomen. We zien het aanlegplekje net buiten het dorp waar we een aantal jaren geleden, tijdens onze eerste Turfroute, hebben gelegen, maar de schipperse kan zich dat niet  meer herinneren.

In 3 uur en 24 minuten hebben we vandaag 16,2 kilometer gevaren, 2,8 liter diesel opgestookt, terwijl we door 11 bruggen en 3 sluizen zijn gekomen.

donderdag 24 augustus 2017
Op naar de plaats van schaatsen en skûtsjes, de Aebelina en Et Wiid... Earnewâld dus. En dat wil de schipper nu eens niet via de geijkte route doen, maar via een vaarweg die pas twee jaar geleden beschikbaar is gekomen: De Skipsleat en het Polderhoofdkanaal. Je komt dan uit bij De Veenhoop, steekt daar over en vaart de Hooidamsloot in. Het lijkt een korte tocht, maar je komt onderweg best wat bruggen en een enkele sluis tegen. We willen wel weg, maar moeten eerst wachten op een konvooi van de andere kant, daarna zijn wij pas aan de beurt. Het had wel anders gekund, maar dan moet je voor dag en dauw gaan varen en dat past niet in ons vakantieschema.
Maar voordat je zover bent, moet je eerst Gorredijk verlaten, en dat is een aardige tocht. Vijf bruggen liggen er tussen ons en de Sluis, die op een afstand van 625 meter van onze aanlegplek is gelegen. Maar dank zij de brug- en sluiswachters liggen we al spoedig in die sluis te dobberen: slechts vier minuten duurt het voordat we er binnen varen. De temperatuur is aangenaam (21 graden), het is half bewolkt en het zicht is prima. Onderweg genieten we van het landschap, de huizen en de andere mooie dingen vanaf het water. De Skipsleat ligt ongeveer 1800 meter na de Rolbrêge, die vlot voor ons draait. Om de Skipsleat op te kunnen moet je door een sluisje met een drempeldiepte van 90 centimeter... Voor ons geen probleem, maar onze buurman vindt het allemaal maar wat spannend. Hij maakt vandaag een rondje met vrienden en voor hem is dit kanaal ook de eerste keer. We geven hem een Palaver mee voor onderweg, hij komt wel eens in Kampen overnachten. Na de sluis (die je zelf moet bedienen) varen we naar Nij Beets. Vlak langs de huizen en in het dorp maken we een zeer scherpe draai naar bakboord, naar het Polderhoofdkanaal. Er ontvouwt zich een leuk beeld: een kaarsrecht kanaal met een lengte van zo'n 5 kilometer met 7 bruggen die het water in twee verschijningsvormen overspannen: kaarsrecht of gebogen. Je ziet zo achter elkaar liggen, afgewisseld door boerderijen en groen.


Ondanks de lengte zonder bochten een leuk stukje vaarwater, dat bij De Veenhoop via een sluis uitkomt in het Grietmansrak. Daar ontlopen we het veerpontje en varen de Hooidamsloot in. Het gaat daar allemaal wat vreemd: als we er nog een eind vanaf zijn, gaan de lichten van de Hooidambrug op groen, de brug draait voor ons terwijl we er zo onderdoor kunnen. Tenminste, voor ons? Neen hoor, plotseling gaat het spul op rood en kan het zeiljacht vanaf de andere kant opstomen... Brugwachter in de mist of leerling die aan de knoppen zit? Uiteindelijk varen wij door en we worden opgelopen door een sloep met - hoe kan het ook anders - veel haast en een enorme golf aan de kont. Gelukkig komen we goed aan in Earnewâld, waar we een mooi plekje in kunnen pikken.
Bij Westersail strijken we neer voor een versnapering, in de selsbetsjinning van Wester doen we wat boodschappen en vervolgens maken we een wandelingetje door het dorp. Als we terugkomen van Westersail is er een jongetje van een jaar of negen, tien die aan de schiper vraagt of die kan schaken. En zo kan het gebeuren dat de schipper ineens op een reuzenschaakbord met een kereltje van de basisschool in de slag gaat en ontdekt dat het ventje de schaakkunst goed beheerst. De partij duurt een flinke tijd en bezorgt de schipper af en toe flinke hoofdbrekens. Uiteindelijk besluiten we tot remise, waarna het mannetje een nieuw vriendje voor een partijtje schaak weet te strikken. Die schaakpartij is een leuke onderbreking van de dag! Daarna gaan we weer terug naar het bootje en kijken naar de reuring die er is.

We voeren deze dag 20,9 kilometer, gebruikten daar 3,8 liter diesel voor en waren er 3 uren en 18 minuten mee bezig. Op onze tocht waren er 11 bruggen en 3 sluizen.

vrijdag 25 augustus 2017
Nadat we bij een temperatuur van 25 graden en een bijna onbewolkte lucht om tien over half twaalf zijn vertrokken gaan we op even na twaalf uur stuurboord uit het PMK op. Onderweg zien we de kraan die in de Nauwe Saiter een Lancaster bommenwerper uit de Tweede Wereldoorlog moet gaan lichten. De vaarweg is tot november gestremd.
De schipper ziet een tanker naderen, maar duurt een behoorlijke tijd voordat het schip ons passeert. Uiteindelijk komen we op het Burgumer Mar, waar we bakboord uitgaan, de Kuikhornster Vaart in. We varen door totdat we bij de aanleg LM 42B zijn aangeland, dat lijkt ons wel een leuk plekje. Een eindje voorbij Zwaagwesteinde, of Westerein, zoals ze daar zeggen.
Aan de andere steiger ligt een beige multi-knikspant, waarvan de schipper meent dat die gehuurd is. Later zal blijken dat hij gelijk heeft: een maand of wat later wordt hetzelfde schip weer gezien, maar met een totaal andere bemanning. Eindelijk een huurschip van een normaal formaat, waarmee je een veel leuker vaargebied hebt dan met zo'n grote bak-en-geen-ervaring...
Aan de overzijde van ons vaarwater wordt hard gewerkt: het hooi wordt netjes in plastic gewikkeld (jammer, al dat plastic...) en zo komen er steeds mee "marshmallows" in het land te liggen. Langzaam zakt de zon, maar dan zien we een bijzon in de hemel, een natuurverschijnsel dat al vaker door ons is gezien, maar elke keer weer een mooi gezicht oplevert.

We varen vandaag 23,2 kilometer, gebruiken daarvoor 3,9liter diesel, doen er 2 uur en 48 minuten over.

Zaterdag 26 augustus 2017
De volgende dag gaan we fietsen. Per slot van rekening hebben we niet voor niets twee van die stalen rossen achterop staan. We besluiten dat we onze tocht niet al te lang zullen maken (rekening houdend met de conditie van het meisje), maar we maken een leuke rit. Onderweg komen we een gemaal tegen dat drie oudere gemalen vervangt, zien we een door mensenhand gevormd natuurgebied en fietsen we langs mooie dorpjes. Uiteindelijk belanden we in een soort van kringloop/brocantewinkel, waar we theekopjes voor de bus aanschaffen... Echt in jaren-zeventigstijl... En o ja, we doen ook nog een viswinkel aan voor een lekker bakje kibbeling-met-saus... Wat een luxe leven!
Uiteindelijk komen we via hetzelfde fietspaadje waarover we vertrokken weer terug bij ons bootje, dat inmiddels nieuwe buren heeft gekregen.

Zondag 27 augustus 2017
Het is tijd om weer eens verder te gaan, want zo'n vaarvakantie is niet oneindig. dus gaan we om ongeveer 10 over 11 anker op en varen via de Nieuwe Zwemmer naar het Oud Dokkumer Diep. Dat levert altijd een spannend moment op, want op een gegeven moment kruis je de Stroobosser Trekvaart, die schuil gaat achter een dijk waar een autoweg op ligt. Ik bedoel maar: je kunt helegaar helemaal noppes zien! Gewoon een gokje, die oversteek. Maar het gaat goed, en we tutteren rustig verder door het Friese landschap. Een visbootje vaart min of meer met ons mee, maar heeft wat meer haast. De schipper heeft een omwegje bedacht: niet via de Stroobosser Trekvaart, maar via de Alde Lunen, een mooi kronkelend vaarwater, dat het Oude Dokkumer Diep verbindt met het Dokkumer Grootdiep. Via dat laatste water varen we in rustig tempo naar Dokkum. We pakken nog een half uur middagpauze mee bij de Woudabrug, dat geeft ons mooi de gelegenheid om ook even een bammetje op te peuzelen. Zeven minuten na de middagpauze kunnen we verder en een klein uurtje later arriveren we in de voormalige Admiraliteitsstad. Daar meren we af tegenover het Admiraliteitsgebouw en de pakhuizen van de Erven Brouwer. Natuurlijk genieten we ook 's nachts van het uitzicht...
 's Avonds hebben we nog een verhaal met een zwemmende hond, die bij de helling aan de overkant te water is gegaan en steeds maar weer rondjes zwemt. Het lijkt wel of het dier er niet meer uit kan komen. De schipper gaat de hond redden, maar komt natuurlijk te laat. De schipperse had intussen twee lange-afstandszwemmers naar het onfortuinlijke dier gestuurd en toen de schipper arriveerde was daar ook het baasje van de hond. Die vertelde dat het dier niet te houden was als het water zag: dan MOEST er gewommen worden, en was hij er bijna niet meer uit te krijgen...

Vaartijd:2 uur, 36 minuten, afgelegde afstand 20,2 kilometer, verbruikte brandstof 3,3 liter.

Maandag 28 augustus 2017
De volgende ochtend hebben we ons maar even verwend met een K&A: koffie met appelgebak, bij de Posthoorn. Ik steel het plaatje van dit hotel even, dan krijgt de lezer een goede indruk van waar we zaten (natuurlijk op het terras, want het was bijna 30 graden...)


 In de gang van het hotel hangt een foto van de Patrouille de Suise, met de namen, nicknames en handtekeningen van de mannen die met de vliegtuigen vliegen. Patrouille de Suisse? Ja, het stuntteam dat vorig jaar tijdens de training voor de luchtshow op de luchtmachtdagen een jager verloor omdat die na een wat hardvleugelige ontmoeting met zijn buurman in een kas was "geland".

Om half één maken we los en omdat in het aangrenzende havenbekken aan de andere kant van de Hoogstraatbrug (waar het keerpunt van de Elfstedentoct is) wordt gewerkt - er is daar een stremming - gaan we via de Woudpoortsbrug op weg naar Burdaard en Bartlehiem. Het kost een uur om het mooie Dokkum te verlaten (je moet toch door drie bruggen en er is slechts één brêgewipperen ook nog een charterschip). Uiteraard laten we het charterschip voorgaan, het is immers een groot schip... In Burdaard passeer je twee bruggen en moet je € 3,50 neertellen voor de opening. Maar goed, daarna "kronkelen we verder de Ee af, en belanden uiteindelijk in het altijd weer mooie Bartlehiem. Daar gaan we stuurboord uit, onder het wereldberoemde bruggetje door, de noordelijke Elfstedentocht-route op. Niet dat we nou naar Franeker gaan (dat had ons al op bezoek gehad dit jaar), meer voor het mooie aanlegplekje, vlak na de brug: LM 40B.
HET bruggetje...

DE kookpot...























avond in de Finkumer Vaart.
We maken weer eens een maaltijd klaar in de gietijzeren kookpot-op-het-houtvuurtje en laten het ons goed smaken. We genieten van het mooie plekje en de ondergaande zon, maar zien in de lucht ook een naderende weersverandering.

We varen vandaag 13,7 kilometer in anderhalf uur. Dat kost ongeveer 2,7 liter brandstof, € 3,50 bruggeld en we passeren 6 bruggen.

Dinsdag 29 augustus 2017
Het is een heel mooi plekje, maar toch vertrekken we weer. We hebben een plan, en de schipper maakt meteen de fout om daarvan af te wijken. We hadden bedacht om de Ee recht over te steken, van de Finkumer Vaart naar de Oudkerker Vaart, maar neen hoor, we draaien stuurboord uit  de Ee op. Gelukkig weet de schipper dat tegen te gaan door snel het schip te laten stoppen en keren, en net op tijd gaan we onder de betonnen brug door in de richting Oudkerk. Het vaarwater is niet heel erg breed of peilloos diep: we schatten de breedte op een meter of 20, en de diepte ligt ergens rond de 1,30 meter. Na de haakse bocht bij Oudkerk komen we bij de brug. Zelfbediening dus... Nou hadden we al een tijdje achter een Doerak aangevaren en die was net bezig de brug open te krijgen. Daarvoor moet je € 2,-- in de automaat stoppen, die je weer terug krijgt als je de brug weer sluit. Dat ging dus als volgt: meneer stopt die munt er in, wacht af wat gaat gebeuren, vaart door de geopende brug en vaart door. Wij sluiten de brug en worden zo € 2,-- rijker... We varen verder, onder de Canterlandse brug door, met al die tegeltjes, die samen een rijtje schaatsers vormen... Leuk kunstwerk en een mooi eerbetoon aan al die schaatsers die toch maar 200 kilometers op een dag schaatsen. We passeren de bekende oostzijde van Fryslâns hoofdstad en varen over het Akwadukt Langdeel naar PR 59, de aanlegplek voor de komende nacht. In de loop van de middag zakt de zon steeds verder weg en aan het einde van de dag overheerst de bewolking. Ook is de temperatuur aanmerkelijk lager dan gisteren. En natuurlijk komt er weer zo'n zoetwatermatroos-op-een-zeilschip langs die wil kijken of de kopjes van een motorboot ook door de kajuit kunnen vliegen... Vermoedelijk is 's mans verstand weggewaaid tijdens een zeiltocht gelet op zijn reactie als we hem duidelijk maken dat dit minder prettig is.

We hebben vandaag 16,8 kilometer gevaren in 2 uur en 24 minuten. daarvoor hebben we 3,1 liter diesel opgeofferd en passeerden we 1 brug.

Woensdag 30 augustus 2017
Vandaag varen we maar kort. Het weer is - zoals de schipper al zag aankomen - omgeslagen: geheel bewolkte lucht, een temperatuur van "slechts"18 graden, de wind in de noordhoek en regen. We passeren het huis met de Fiat500-windwijzer voor de tweede keer in de stromende regen, en arriveren na anderhalf uur in het dorp dat haar naam eer aan doet vanwege het altijd grauwe karakter van het weer: Grou.

Maar het viel allemaal wel mee, want verder in de middag werd het droog en maakten we een leuke wandeling door een mooi dorp. We hadden een kort onderhoud met een meneer die nog niet zo lang geleden een huis had gekocht en nu de hele tuin overhoop had liggen in een ultieme poging om alles weer in de oorspronkelijke staat terug te brengen. Een heel mooi huis met een mooie, ruime tuin.

Natuurlijk moet de inwendige mens ook verzorgd worden, en dus gingen we 's avonds maar naar De Kade, waar we heerlijk hebben gegeten.

Afgelegde afstand 9,3 kilometer, 1,8 liter brandstof. We hebben anderhalf uur gevaren.

Donderdag 31 augustus 2017
Al heel vroeg in de ochtend worden we wakker van lawaai en geschommel. Het lijkt verdorie wel of er iemand bij ons aan boord is...


Dit geheel van schip-met-daarop-een-sonderingswagen verscheen 's ochtend rond een uur of zeven in de Hellinghaven van Grou. Het spul kwam ongeveer tien centimeter achter ons scheepje langs en moest daar een haakse bocht om. Dus kwam er even een voet met een laars er om tegen onze boot... En dus waren wij klaarwakker...
We hadden een leuk gesprek met één van de mannen, die helemaal gelukkig was met dit soort "gepiel" in de kleine ruimte, Hij werkte voor een bedrijf in waterbouw en deed dat het liefst op kleine projecten in kleine watertjes. Hij vertelde dat de sonderingswagen precies boven een gat in het schip gemanouevreerd moest worden, om vervolgens een buis te laten zaken die op de bodem van de haven zou komen. Zo kon bepaald worden waar de harde bodem zich bevindt. Over het waarom kon hij ons niets vertellen, ze waren maar ingehuurd. Een ander wist te vertellen dat ze naar gas aan het zoeken waren, maar dat lijkt een vreemd verhaal, temeer omdat ook op andere plekken in het water is gesondeerd. Ondertussen is het regenachtige uiterlijk van Grou gewijzigd door een uitbundig schijnend zonnetje met mooie stapelwolken. Ik weet dat het gevaarlijk is dat te zeggen, maar een echt Hollands luchtje...

Vrijdag 1 september 2017
Voor ons is dit alles wel een reden om te gaan verkassen. Dat hadden we gisterochtend ook al gedaan (de mannen van het sonderingsschip vonden het wel prettig als we even uit de weg gingen, dan hadden ze de ruimte, dus hebben we maar ligplaats gekozen op de invalidenplek want die was toch leeg). En daarna gingen we weer terug naar ons plekje aan de steiger. Nu ging het echter naar de volgende plaats: Akkrum. Via het Pikmar en de Peanster Ee varen we naar het haventje in Akkrum waar we al zo vaak hebben gelegen. Dat past natuurlijk ook niet helemaal in het vakantieschema van vergeten aanlegplekjes, maar ja, een plan is er voor gemaakt om van af te wijken. Het weer is aardig opgeknapt, de temperatuur vertoont bijna weer zomerse waarden en we kunnen stellen dat het weer van gisteren een "dipje" is geweest.
In Akkrum ontmoeten we oude kennissen - oorspronkelijk uit Staphorst afkomstig - en daarmee hebben we een mooi gesprek over bootjes, vaartochten en aanverwanten. We besluiten dat we ook hier de pot niet op het vuur zetten, maar medewerkers van een restaurant in zullen schakelen voor de maaltijdvoorziening. Vervelend hoor, al weer uit eten... Dit keer is de Italiaan aan de beurt. We hebben eerst een geanimeerd gesprek met een jongetje en - als ze er bij komt, zijn moeder -en vernemen welke Italiaan de lekkerste pizza's maakt in Akkrum. Nou moet je altijd naar de locals luisteren als het om eten gaat, en dus genieten we van een bijzonder smakelijke pizza. Zelfs de schipper doet er zich tegoed aan (en heeft er totaal geen last van die nacht).

De afstand van vandaag was slechts 7,8 kilometer en kostte 1,4 liter diesel. Er is € 2,20 bruggeld betaald. We varen een uur en 12 minuten.

Zaterdag 2 september 2017
Deze tweede september zal ons geschiedenisboekje ingaan als een gedenkwaardige dag. Om 10 over half 11 vetrekken we uit het haventje van Akkrum (dat kost even wat moeite, we zijn en beetje ingebouwd, maar het gaat perfect). Bij de Meineslootbrug betalen we € 2,-- bruggeld, en daarna halen we bij Oost 44,61 litertjes diesel om voor € 58,89 de tank weer vol te krijgen. We slaan ook een jerrycan olie in en twintig minuten later gaan we echt op weg. We kiezen voor de route langs de Nieuwe Zandslootbrug en door de Terherner Sluis. Daardoor kom je op het Sneeker Meer. Daar is de "opdracht" om op een nette manier bij de Dolte uit te komen, want het vervolg van de uitgezette tocht leidt naar de Langweerder Wielen en de Scharster Rijn. Dat tochtje levert mooie plaatjes op.
De skûtsjes houden een wedstrijd (de SKS- en IFKSwedstrijden zijn al lang achter de rug) en in het rustige voorbijgaan zien we de Sneeker Pan als vierde eindigen. Wij vervolgens onze weg via het Starteiland, de Gosse Palen en de Dolte naar de Langsturter Puollen en het Jentje Mar, komen op de Fammens Rakken en passeren daar de brugjes in de oude weg naar Sneek. En natuurlijk het brugje onder de snelweg door. Na de Kaai belanden we op de Langwarder Wielen, waar men eindelijk lijkt te zijn uitgebaggerd. Daar is wel een wedstrijd aan de gang (da's dus de tweede wedstrijd van vandaag) en we zien talloze Flitsjes, en verder op Lasers hun best doen om eerste te worden. Een mooi gezicht! Gelukkig zien we kans om zonder verdere hinder voor de wedstrijdvaarders de ingang van de Scharster Rien te bereiken en we gaan op weg naar de brug die geen middagpauze meer kent. Onderweg merkt het meisje op dat alles gebocheld lijkt te zijn: de nok van het boerderijdak, de lichtmast langs de straat. De klachten zijn dermate ernstig dat ze bij windkracht 1 zeeziek dreigt te worden van alle vreemde vervormingen die ze voor ogen krijgt. Kortom: er is een ernstig probleem met het gezichtsvermogen ontstaan dat we wel verwacht hadden, maar niet nu. We varen verder (want dat is de enige manier om de mogelijkheid tot behandeling te realiseren) en komen uiteindelijk aan op Tsjûkepôle, waar we aanleggen op plek TJ 14A. De goedbedoelde hulp van de buurman leidt er toe dat de schipperse niet van boord kan gaan om de aanlegactie netjes af te ronden. Daarna houden we "kampvuur" en de uitkomst daarvan is dat we de volgende dag versneld richting Kampen zullen varen. Onze bedoeling is dan om morgenavond in Blokzijl te liggen en maandagmiddag in onze eigen haven. Maandagochtend kan dan contact worden opgenomen met de oogpoli van het AMC voor een afspraak op het spoedspreekuur.

Ondanks de consternatie weten we toch nog te genieten van een mooi eiland en een fraaie aanlegplek. De schipper maakt er nog fraaie beelden van.


De avond valt na een middag van praten en besluiten dat het mooi is geweest. Als de zon onder is gegaan, levert dat een mooi verstild beeld op met een zilveren maan en een fraaie weerspiegeling op het water.
Het lijkt wel of er bergen aan de horizon liggen, maar in het vlakke Fryslân is dat een mooie illusie.

In 3 uur en 45 minuten hebben we 26,9 kilometer gevaren, wat 4,8 liter diesel heeft gekost. We passeerden 2 bruggen en betaalden € 2,00 bruggeld. Er is 44,61 liter diesel gebunkerd tegen een prijs van € 58,89. Ook hebben we een jerrycan Kroon-olie gekocht voor € 35,00.

Zondag 3 september 2017
We vervolgen onze tocht naar de thuishaven. Dat is vandaag niet helemaal het doel, we zouden naar Blokzijl gaan. Vanaf het Tsjûkemar betekent dit in dit geval dat we de Meerkoet - een vaste tussenstop die oorspronelijk ook in onze planning zat - rechts laten liggen en via Linthorst-Homansluis en Ossenzijler Sloot naar het brugje van Kalenberg te varen. Onderweg passeren we de brug van Ossenzijl die ons drie minuten kost. Het is natuurlijk allemaal erg bekend terrein, maar toch is het steeds een mooie tocht, ook al omdat het zonnetje volop schijnt en de temperatuur prima is: 20 graden bij een windkracht 1. 
Vlak voordat we de Helomavaart in gaan zien we een mooi platboomd scheepje liggen.
In Blokzijl maken we kennis met de Ja Koe Zie uit Veno, Ook wel bekend als Vollenhove. Op de foto niet te zien, maar aan de achterzijde van het vehikel is een soort van kachel gemaakt, die het water waarin e heren zich laven aan het meegebrachte bier op temperatuur moet houden. Met veel plezier rijden ze door het oude Hanzestadje.

's Avonds ontdekken we dat de gehele haven nu wordt omringd met een prikkabel met lampjes. Dat geeft een feeëriek gezicht, waarin ook de vlaggen aan ons mastje mooi tot uiting komen. Dat laat in elk geval zien bij welke club we horen en waar onze ligplaats is.

afgelegde afstand: 31,0 kilometer, verbruik 5,7 liter diesel, gevaren tijd: 4 uur en 42 minuten, We passeren 5 bruggen en 2 sluizen, betalen bruggeld: € 4,40, havengeld  € 10,00 inclusief € 2,00 toeristenbelasting.

Maandag 4 september 2017
De dag begint met een rondje bellen met het AMC, dat er in resulteert dat we dinsdagmiddag terecht kunnen. Het had ook vanmiddag gekund, maar dan moesten we zoveel porrie geven en vervolgens met het gas op de plank naar Amsterdam, dat leek ons ook geen goed plan. We maken ons op voor de tocht naar Kampen, een tocht die we ook vaak in de weekends varen. Via het Kadoeler Meer varen we naar het Zwarte Meer, waar een mooie strakblauwe lucht het water meekleurt. Dat levert een mooie plekje - en dus ook mooie plaatjes -  op!


Na het Zwarte Meer volgt de Goot (we liggen wel vaker in de Goot) en het Ganzendiep. Het schutten in de Ganzensluis vergt een minuut of zes, en om kwart voor twee maken we vast op onze ligplaats in de haven van Watersportvereniging ZC '37 te Kampen.

We hebben in 3 uur en 48 minuten 30,4 kilometer afgelegd. Dat kost 5,1 liter brandstof. We passeerden 1 sluis.

In deze hele vakantie voeren we 297,8 kilometer.